Communiceer niet met je rug

Communiceer niet met je rug

Monique is ’s-ochtends altijd vroeg in haar klas. Dan heeft ze alle tijd en de rust om haar lokaal op orde te maken. Monique werkt drie dagen in de week op een openbare basisschool. Samen met haar ‘duo’ geeft ze les in groep 6. Haar duo werkt twee dagen in de week en heeft andere ideeën over de klas netjes achterlaten.

Als Monique in haar lokaal bezig is hoort ze op de gang een collega roepen: ‘Monique, heb je even?’ Monique verstijft en spant haar rug. Een reflex die een lange voorgeschiedenis kent. Weg is het moment van in alle rust je voorbereiden op de leerlingen die dadelijk komen.

Sinds haar vroege jeugd weet Monique dat ze ‘juf’ wil worden. Ze wilde per se iets met kinderen doen. Natuurlijk had ze ook kinderarts kunnen worden, of docent in het voortgezet onderwijs. Maar zij moest en zou leerkracht worden. Ondertussen staat ze al bijna twintig jaar voor de klas. Ze kan het zelf nauwelijks geloven.

In al die jaren heeft ze heel wat collega’s zien gaan en komen. Monique gaat gebukt onder de vragen van haar collega’s. Ze willen allemaal iets van haar. Monique is immers een soort van lopend archief. Zij weet alles over de leerlingen en hun ouders, de school en waarom de directie bepaalde besluiten nam. Trouwens, aan wie zouden de collega’s hun vragen anders moeten stellen? De remedial teacher is wegbezuinigd en de vacature voor de directeur staat nog steeds open. De interim directeur past op de winkel. Hij doet echt zijn best.

Monique verstijft als ze haar naam hoort roepen. Ze zucht eens diep. Ze weet dat ze eigenlijk ‘nee’ moet zeggen. ‘Nee’ tegen het moment en ‘nee’ tegen haar collega. Ze begrijpt niet waarom ze niet gewoon zegt: ‘Kom straks na schooltijd even terug. Dan heb ik alle tijd voor je’. Je ziet aan haar hele houding dat ze geen zin heeft in een gesprek.

Haar collega’s begrijpen haar niet. Ze vinden haar houding gesloten en afwijzend. Ze begrijpen haar zure en zuinige houding niet. Het is toch vanzelfsprekend om elkaar ‘even’ te helpen? Ondertussen weten ze dat deze houding bij Monique hoort. Dat hebben ze geaccepteerd. Uiteindelijk krijgen ze op al hun vragen antwoord. Al duurt het soms even.

Monique heeft nooit geleerd om effectief aan te geven dat al deze vragen haar teveel worden. De ouderavonden, de schoolreisjes en uitstapjes die niet op haar werkdagen vallen, de teamvergaderingen buiten schooltijd, het dagelijkse overleg met haar duo, het voorbereiden van de lessen, alle verslaglegging en verantwoording in het leerlingvolgsysteem, alle ouders die na schooltijd ‘even’ onder vier ogen met haar willen praten. Vaak zijn dat kritische ouders die voor ieder akkefietje op de stoep staan. Het houdt maar niet op.

Dan heeft ze het nog niet over de problematiek waarmee de kinderen worstelen. Zij komen soms met verhalen die als een steen op haar maag liggen. En daar is geen of te weinig tijd voor. Dat steekt haar. Van de week heeft ze er zelfs wakker van gelegen. Het wordt haar allemaal teveel. Ze denkt erover om te gaan solliciteren.

Je vraagt je misschien af of het verhaal van Monique, overigens een gefingeerde naam, overdreven is? Nee, de werkelijkheid is nog beroerder. Monique is twee jaar uit de running geweest. Na een burn-out werkt zij ondertussen op een andere basisschool als kleuterjuf. Van de kinderen krijgt ze energie. Daar kan ze gewoon lekker juf zijn. Monique kan weer lachen. Iedere dag opnieuw is zij zich bewust van het feit dat ze steeds haar grenzen moet aangeven. Zij communiceert nu niet meer via haar rug, maar via haar mond!

Ervaar je ook veel werkdruk en wil je daar wat aan doen? Kijk eens bij onze trainingen:
* Werken aan werkgeluk
* Timemanagement
* Haast je langzaam 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *